Verdrag betreffende de veiligheidsvoorschriften in het bouwb Art. 10
DEEL II Algemene bepalingen betreffende steigers
1 Veilige toegangsmiddelen moeten beschikbaar zijn naar alle vloeren, bordessen en alle andere arbeidsplaatsen.
2 Elke ladder moet stevig bevestigd zijn en van een voldoende lengte, om in alle standen, waarin zij gebruikt wordt, een stevige steun voor handen en voeten te bieden.
3 Elke plaats waar bouwarbeid verricht wordt en de toegangsmiddelen daartoe, moeten behoorlijk verlicht zijn.
4 Doelmatige voorzorgen moeten worden genomen, om gevaren van electrische installaties te voorkomen.
5 De materialen, welke zich op het bouwterrein bevinden, mogen niet zodanig opgestapeld of geplaatst zijn, dat zij voor iemand gevaar kunnen opleveren.