anc. C.civ. · Burgerlijkwetboek (art. 1–515)
anc. C.civ. Art. 106
BOEK I. - PERSONEN. — TITEL III. - WOONPLAATS.
De burger die tot een tijdelijk of herroepelijk openbaar ambt benoemd wordt, behoudt de woonplaats die hij tevoren had, indien hij het tegenovergestelde voornemen niet heeft te kennen gegeven.