anc. C.civ. · Burgerlijkwetboek (art. 1–515)
anc. C.civ. Art. 322
HOOFDSTUK 2. - VASTSTELLING VAN DE AFSTAMMING VAN VADERSZIJDE. — AFDELING 3. - ONDERZOEK NAAR HET VADERSCHAP.
Wanneer het vaderschap niet vaststaat krachtens de artikelen 315 of 317, noch op grond van een erkenning en wanneer het meemoederschap bedoeld in hoofdstuk 2/1 evenmin vaststaat, kan het bij vonnis, uitgesproken door de familierechtbank, worden vastgesteld onder de bij artikel 332quinquies bepaalde voorwaarden.
(Indien de verweerder gehuwd is en het kind tijdens het huwelijk verwekt is bij een vrouw waarvan hij niet de echtgenoot is, moet het vonnis waarbij de afstamming wordt vastgesteld, aan de echtgenoot of de echtgenote worden betekend. Totdat die betekening heeft plaatsgehad, kan het vonnis niet worden tegengeworpen aan de echtgenoot of de echtgenote, noch aan de kinderen geboren uit het huwelijk met de verweerder of geadopteerd door beide echtgenoten.) <W 2003-02-13/36, art. 12, 015; Inwerkingtreding : 01-06-2003>
Wijzigingsgeschiedenis
- (1)<W 2013-07-30/23, art. 33, 065; Inwerkingtreding : 01-09-2014>
- (2)<W 2014-05-05/08, art. 7, 067; Inwerkingtreding : 01-01-2015>