anc. C.civ. · Burgerlijkwetboek (art. 1–515)
anc. C.civ. Art. 338
TITEL VII. - (...) AFSTAMMING. — HOOFDSTUK 6. - VORDERING TOT UITKERING VOOR LEVENSONDERHOUD, OPVOEDING EN PASSENDE
<W 31-03-1987, art. 38> § 1. De eiser biedt de familierechtbank een verzoekschrift aan, bevattende een beknopte opgave van de feiten en vergezeld van de bewijsstukken, zo die er zijn.
In voorkomend geval verwijst de rechtbank de vordering naar de kamer voor minnelijke schikking, overeenkomstig artikel 734/1, § 2 van het Gerechtelijk Wetboek.
§ 2. Indien de verweerder het bestaan heeft erkend van de gemeenschap die tot grondslag dient van de vordering en indien de partijen het eens zijn over het bedrag van de uitkering tot levensonderhoud, maakt de rechtbank daarvan proces-verbaal op.
....
§ 3. ...
Wijzigingsgeschiedenis
- (1)<W 2010-06-02/35, art. 13, 053; Inwerkingtreding : 10-07-2010>
- (2)<W 2013-07-30/23, art. 39, 065; Inwerkingtreding : 01-09-2014, voir W 2014-05-08/02, art. 44, 066;
- Inwerkingtreding : 01-09-2014>
- (3)<W 2018-06-15/03, art. 2, 081; Inwerkingtreding : 12-07-2018>
- (4)<W 2023-12-19/05, art. 13, 103; Inwerkingtreding : 06-01-2024>