anc. C.civ. · Burgerlijkwetboek (art. 1–515)
anc. C.civ. Art. 43
Afdeling 2. [1 De akten van geboorte]1 — Onderafdeling 1. [1 De akte van geboorte]1
§ 1. De vader of de meemoeder, en de moeder, of één van hen, doen de geboorteaangifte bij de ambtenaar van de burgerlijke stand van de geboorteplaats, binnen vijftien dagen na de geboorte. Is de laatste dag van die termijn een zaterdag, een zondag of een wettelijke feestdag, dan wordt de termijn verlengd tot de eerstvolgende werkdag.
§ 2. Indien er geen aangifte werd gedaan overeenkomstig § 1, of wanneer de ouders zich hiervan onthouden, maakt de ambtenaar van de burgerlijke stand de geboorteakte op, op basis van de kennisgeving bedoeld in artikel 42.
§ 3. De Koning kan de voorwaarden bepalen voor een elektronische aangifte van de geboorte.
§ 4. De ambtenaar van de burgerlijke stand maakt de akte van geboorte onmiddellijk op.
Wijzigingsgeschiedenis
- (1)<W 2018-06-18/03, art. 4, 082; Inwerkingtreding : 31-03-2019>