C.i.cr. · Wetboek van Strafvordering (art. 1–…)
C.i.cr. Art. 112decies
HOOFDSTUK VIIquinquies. [1 Afscherming van de identiteit van de leden van de politiediensten behorend tot de — Afdeling 3. - [1 Algemene bepalingen]1
De identiteit van het betrokken lid van de politiediensten wordt enkel onthuld op het ogenblik dat het openbaar ministerie hem als beklaagde dagvaardt of na de verwijzing, internering of opschorting van de uitspraak door een onderzoeksgerecht ten laste van dat lid. In dat laatste geval wordt, nadat de beslissing van verwijzing, internering of opschorting van de uitspraak in kracht van gewijsde is gegaan, op vordering van het openbaar ministerie de identiteit vermeld in een afzonderlijke beschikking of arrest.
Wijzigingsgeschiedenis
- (1)<Ingevoegd bij W 2016-12-25/14, art. 14, 087; Inwerkingtreding : 09-01-2017>
- Art. 112undecies. <Opgeheven bij W 2026-03-11/03, art. 111, 130; Inwerkingtreding : 01-09-2026>