C.i.cr. · Wetboek van Strafvordering (art. 1–…)
C.i.cr. Art. 136bis
Boek. Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open. — HOOFDSTUK X. TOEZICHT OP HET ONDERZOEK DOOR DE KAMER VAN INBESCHULDIGINGSTELLING
<W 1998-03-12/39, art. 31, 016; Inwerkingtreding : 1998-10-02> De procureur des Konings doet verslag aan de procureur-generaal omtrent alle zaken waarover de raadkamer geen uitspraak heeft gedaan binnen een jaar te rekenen van de eerste vordering.
Indien hij oordeelt dat het noodzakelijk is voor het goede verloop van het onderzoek, de wettigheid of de regelmatigheid van de procedure, doet de procureur-generaal te allen tijde voor de kamer van inbeschuldigingstelling de vorderingen die hij nuttig acht.
In dat geval kan de kamer van inbeschuldigingstelling, zelfs ambtshalve, de bij de artikelen 136, 235 en 235bis bepaalde maatregelen nemen.
De procureur-generaal wordt gehoord.
De kamer van inbeschuldigingstelling kan de onderzoeksrechter in zijn verslag horen, buiten de aanwezigheid van de partijen indien zij dat nuttig acht. Zij kan eveneens de burgerlijke partij, de inverdenkinggestelde en hun advocaten horen, na kennisgeving die hen door de griffier ten laatste achtenveertig uur voor de zitting per faxpost, bij gewone brief of langs elektronische weg wordt gedaan.
De kamer van inbeschuldigingstelling kan beslissen dat de inverdenkinggestelde die zich in voorlopige hechtenis bevindt in een videoconferentie verschijnt.
Wijzigingsgeschiedenis
- (1)<W 2016-02-05/11, art. 70, 079; Inwerkingtreding : 29-02-2016>
- (2)<W 2016-01-29/08, art. 4, 080; Inwerkingtreding : onbepaald en uiterlijk op 01-09-2017, (NOTA : bij arrest
- nr.76/2018 van 21-06-2018 (B.St. 02-07-2018, p. 53419), heeft het Grondwettelijk Hof dit artikel 4 vernietigd)>
- (3)<W 2022-12-06/02, art. 19, 114; Inwerkingtreding : 31-12-2022>