anc. C.pén. Art. 99
BOEK 1. - DE MISDRIJVEN EN DE BESTRAFFING IN HET ALGEMEEN. — HOOFDSTUK X. - TENIETGAAN VAN DE STRAFFEN.
Burgerlijke veroordelingen, uitgesproken bij arresten of vonnissen gewezen in criminele, correctionele of politiezaken, verjaren naar de regels van het burgerlijk recht, te rekenen van de dag waarop zij onherroepelijk zijn geworden.
De onwaardigheid om te erven, door de rechter uitgesproken op grond van artikel 46, verjaart niet. Ze kan opgeheven worden door vergiffenis, door het slachtoffer geschonken overeenkomstig artikel 4.7 van het Burgerlijk Wetboek.
Wijzigingsgeschiedenis
- (1)<W 2012-12-10/14, art. 43, 088; Inwerkingtreding : 21-01-2013>
- (2)<W 2022-01-19/18, art. 39, 149; Inwerkingtreding : 01-07-2022>