C.jud. · Gerechtelijk Wetboek (art. 1–57)
C.jud. Art. 42
HOOFDSTUK VI. - Onsplitsbaarheid.
De betekeningen worden gedaan:
1° aan de Staat, (op het kabinet van de minister die bevoegd is om er kennis van te nemen of op het kantoor van de door hem aangewezen ambtenaar) of, indien het voorwerp van het geschil behoort tot de bevoegdheid van de Senaat of de Kamer van volksvertegenwoordigers, aan de griffie van de betrokken vergadering, onverminderd de in artikel 705 gestelde regels; <W 1999-03-23/30, art. 2, 004; Inwerkingtreding : 06-04-1999>
2° aan de provincie, op de zetel van het provinciebestuur;
3° aan de gemeente, op het gemeentehuis;
4° aan openbare instellingen, instellingen van openbaar nut en stichtingen, op de zetel van hun bestuur;
5° aan vennootschappen met rechtspersoonlijkheid, op de maatschappelijke zetel of, bij gebreke daarvan, de bedrijfszetel of, indien er geen is, aan de persoon of aan de woonplaats van een der beheerders, zaakvoerders of vennoten;
6° aan buitenlandse vennootschappen met rechtspersoonlijkheid, op hun maatschappelijke zetel, op hun filiaal of op hun bedrijfszetel in België;
7° aan in vereffening zijnde vennootschappen, op de maatschappelijke zetel of op de woonplaats van een der vereffenaars of, indien er geen vereffenaar is, aan de procureur des Konings in wiens rechtsgebied de laatste maatschappelijke zetel gevestigd was. ... De betekening aan de procureur des Konings zoals bedoeld in de artikelen 38, 40 en 42 geschiedt door het opladen van het exploot op het in het artikel 32quater/2 bedoelde register, en in alle andere gevallen bij voorrang op elektronische wijze overeenkomstig artikel 32quater/1. Wanneer een exploot wordt opgeladen zoals voorzien in dit artikel, geldt het tijdstip van opladen als het tijdstip van betekenen, waarna het register zoals bedoeld in artikel 32quater/2 een bericht van betekening aan de bevoegde procureur des Konings en het Rijksregister zendt. In geval van betekening op elektronische wijze aan de procureur des Konings overeenkomstig dit lid, is artikel 32quater/1, § 2, vierde lid, niet van toepassing;
8° aan verenigingen van mede-eigenaars, aan de syndicus of, bij ontstentenis van een syndicus, aan de zetel van de vereniging van mede-eigenaars. Wanneer de betekening aan de syndicus geschiedt overeenkomstig artikel 38, § 1, zendt de gerechtsdeurwaarder een afschrift van de in het derde lid van dat artikel bedoelde brief zowel aan de syndicus als aan de vereniging van mede-eigenaars.
(Lid 2 opgeheven) <W 2003-05-26/34, art. 3, 007; Inwerkingtreding : 26-07-2003>
Wijzigingsgeschiedenis
- (1)<W 2015-10-19/01, art. 6, 015; Inwerkingtreding : 01-11-2015>
- (2)<W 2016-05-04/03, art. 15, 018; Inwerkingtreding : 31-12-2016>
- (3)<W 2020-07-31/03, art. 71, 025; Inwerkingtreding : 01-10-2020>
- (4)<W 2024-05-15/03, art. 55, 028; Inwerkingtreding : 07-06-2024>
Verwijst naar
- C.jud. Art. 004
- C.jud. Art. 007
- C.jud. Art. 2
- C.jud. Art. 3
- C.jud. Art. 32quater
- C.jud. Art. 38
- C.jud. Art. 40
- C.jud. Art. 705