C.jud. · Gerechtelijk Wetboek (art. 58–555)
C.jud. Art. 109
HOOFDSTUK III. _ Hof van beroep en arbeidshof. — Afdeling 4. _ Dienst.
<W 2007-04-25/64, art. 3, 153; Inwerkingtreding : 01-12-2008> De eerste voorzitter is belast met de algemene leiding en de organisatie van het hof.
Hij kan een of meer kamervoorzitters aanwijzen om hem bij te staan.
Hij verdeelt de zaken overeenkomstig het bijzonder reglement van het hof. Wanneer de behoeften van de dienst het rechtvaardigen , zoals de respectieve werklast van de kamers, de onbeschikbaarheid van een of meer raadsheren die daarin gewoonlijk zitting hebben, de bijzondere deskundigheid van sommigen van hen om een of meer zeer technische zaken te behandelen, de mate waarin het onderzoek van een zaak of van zaken die de eerste voorzitter, in afwijking van het voornoemde reglement, aan iemand anders wil toewijzen, gevorderd is en deze zaak of zaken klaar is of zijn voor behandeling, of andere daarmee vergelijkbare objectieve gronden, kan hij een deel van de zaken die aan een kamer zijn toegewezen, onder de andere kamers van het hof verdelen. Ingeval van moeilijkheden in verband met de verdeling van de zaken onder de kamers van eenzelfde hof van beroep is artikel 88, § 2, van toepassing.
Wijzigingsgeschiedenis
- (1)<W 2018-05-25/02, art. 15, 217; Inwerkingtreding : 09-06-2018>