Rechtsbibliotheek en dossieranalyse · Oostenrijk · België · Europese Unie
LAWxPERT Aanmelden Gratis account

C.jud. · Gerechtelijk Wetboek (art. 58–555)

C.jud. Art. 287ter

HOOFDSTUK X. — Afdeling IV. - Evaluatie. <ingevoegd bij W 2007-04-25/64, art. 93; Inwerkingtreding : 01-12-2008>

Van krachtOfficiële tekst

FRNL

§ 1. De stage duurt een jaar. Ze begint op de datum van de eedaflegging.

De stage omvat ten minste:

1° een stageplanningsgesprek;

2° drie functioneringsgesprekken, die evenwichtig worden verspreid over de hele evaluatieperiode;

3° een stage-evaluatiegesprek op het einde van de stage.

§ 2. Naar aanleiding van een verplicht functioneringsgesprek kan een vermelding "onvoldoende" door de hiërarchische meerdere toegekend worden op basis van artikel 287bis, § 7, bedoelde criteria.

Behoudens uitdrukkelijk akkoord tussen de evaluator, de stagiair en de magistraat-korpschef leidt de vermelding "onvoldoende" tot de aanhangigmaking bij de evaluatiecommissie bedoeld in artikel 287quater.

Naar gelang het geval:

1° beslist de evaluatiecommissie of de stage mag worden voortgezet;

2° legt de evaluatiecommissie een met redenen omkleed ontslagvoorstel voor aan de overheid bevoegd om het ontslag tijdens de stage uit te spreken.

§ 3. Op het einde van de stage nodigt de evaluator de stagiair uit voor een stage-evaluatiegesprek. De vermelding "onvoldoende" kan door de hiërarchische meerdere worden toegekend op basis van de in artikel 287bis, § 7, bedoelde criteria. De vermelding "onvoldoende" leidt tot de aanhangigmaking bij de evaluatiecommissie bedoeld in artikel 287quater.

Naar gelang het geval:

1° legt de evaluatiecommissie een met redenen omkleed ontslagvoorstel voor aan de overheid bevoegd om het ontslag tijdens de stage uit te spreken;

2° beslist de evaluatiecommissie of de stage moet worden verlengd;

3° legt de evaluatiecommissie een met redenen omkleed benoemingsvoorstel voor aan de overheid bevoegd om het ontslag tijdens de stage uit te spreken. In dat geval wordt de stageperiode beschouwd als gunstig voor de benoeming.

§ 4. Na afloop van de stage die werd verlengd overeenkomstig paragraaf 3, tweede lid, 2°, maakt de magistraat-korpschef aan de evaluatiecommissie het evaluatiedossier over van de stagiair aan wie de evaluatievermelding of "onvoldoende" werd toegekend.

Naar gelang het geval:

1° legt de evaluatiecommissie een met redenen omkleed benoemingsvoorstel voor aan de overheid bevoegd om het ontslag tijdens de stage uit te spreken. In dat geval wordt de stageperiode beschouwd als gunstig voor de benoeming;

2° legt de evaluatiecommissie een met redenen omkleed ontslagvoorstel voor aan de overheid bevoegd om het ontslag tijdens de stage uit te spreken.

§ 5. De Koning stelt de nadere regels vast voor de toepassing van de bepalingen met betrekking tot de stageevaluatieprocedure, de duurtijd ervan, en de bedoelde personen.

Wijzigingsgeschiedenis
  • (1)<W 2024-05-07/04, art. 27, 259; Inwerkingtreding : 01-01-2026>