C.jud. · Gerechtelijk Wetboek (art. 58–555)
C.jud. Art. 331/2
HOOFDSTUK IV. [1 Afwezigheden en verloven van magistraten]1 — Afdeling I. [1 Algemene bepalingen]1
De magistraat mag niet afwezig zijn wanneer de dienst eronder lijdt, tenzij hem hiervoor verlof of dienstvrijstelling werd toegekend overeenkomstig dit hoofdstuk.
De plaatsvervangende magistraat stelt zijn korpschef onverwijld in kennis van zijn afwezigheden wanneer deze afwezigheden een invloed kunnen hebben op de goede werking van het hof of de rechtbank.
Wijzigingsgeschiedenis
- (1)<Ingevoegd bij W 2024-05-12/05, art. 7, 261; Inwerkingtreding : 01-01-2025>