C.jud. · Gerechtelijk Wetboek (art. 556–663)
C.jud. Art. 575
BOEK V. [1 Bepaalde bijzondere gerechtelijke actoren]1 — HOOFDSTUK II. _ Rechtbank van eerste aanleg, arbeidsrechtbank en [1 ondernemingsrechtbank]1.
<Hersteld bij W 2007-05-10/33, art. 14, 147; Inwerkingtreding : 01-11-2007> § 1. De ondernemingsrechtbank is bevoegd voor de vorderingen tussen ondernemingen, als bedoeld in artikel 573, eerste lid, 1°, met betrekking tot het auteursrecht, de naburige rechten en het recht van de producenten van databanken.
De vordering die is gericht tegen een onderneming door een persoon die zelf niet in die hoedanigheid handelt, kan eveneens voor de ondernemingsrechtbank worden gebracht.
§ 2. De op grond van § 1 bevoegde rechtbanken zijn onder dezelfde voorwaarden bevoegd om kennis te nemen van de vorderingen met betrekking tot de rechtsbescherming van technische maatregelen en van de informatie betreffende het beheer van rechten bedoeld in de artikelen 79bis en 79ter van de wet van 30 juni 1994 betreffende het auteursrecht en de naburige rechten, en in de artikelen 12bis en 12ter van de wet van 31 augustus 1998 tot omzetting in Belgisch recht van de Europese richtlijn van 11 maart 1996 betreffende de rechtsbescherming van databanken.
§ 3. ....
Wijzigingsgeschiedenis
- (1)<W 2014-03-26/33, art. 4, 230; Inwerkingtreding : 01-07-2014>
- (2)<W 2018-04-15/14, art. 252, 291; Inwerkingtreding : 01-11-2018>