C.jud. · Gerechtelijk Wetboek (art. 664–1385)
C.jud. Art. 1027
BOEK II. _ GEDING. — TITEL V. _ Inleiding en behandeling van de vordering op eenzijdig verzoekschrift.
Het verzoekschrift wordt in tweevoud gezonden aan de rechter die op de vordering uitspraak moet doen. Buiten de uitzonderingen waarin de wet uitdrukkelijk voorziet, kan het enkel door een advocaat worden ingediend.
Het wordt neergelegd ter griffie, op zijn datum voor gezien, getekend door de griffier, ingeschreven in het register der verzoekschriften en bij het dossier van de rechtspleging gevoegd. De advocaat kan het ook bij brief aan de griffier doen toekomen.
Onderaan op het verzoekschrift schrijft de verzoeker de inventaris over van de genummerde en gebundelde stukken die hij erbij voegt.