C.jud. · Gerechtelijk Wetboek (art. 664–1385)
C.jud. Art. 1208
Afdeling 2. [1 - Gerechtelijke vereffening en verdeling]1 — Onderafdeling 1. [1 - De inleiding van de vordering en het vonnis dat de gerechtelijke vereffening en, in voorkomend geval, verdeling
§ 1. Indien meerdere eisers afzonderlijk de vereffening van dezelfde boedel of de verdeling van dezelfde onverdeeldheid vorderen, worden de vorderingen op de eerste nuttige zitting, in voorkomend geval ambtshalve, samengevoegd.
§ 2. Indien de vereffening van een andere boedel of onverdeeldheid dan deze bedoeld in paragraaf 1 noodzakelijk is om de gevorderde vereffening of verdeling te voltrekken, strekt de vordering zich van rechtswege uit tot de vereffening van deze boedel of deze onverdeeldheid, voor zover er geen derden betrokken zijn.
§ 3. In het geval bedoeld in § 2 heeft het vonnis dat met toepassing van artikel 1209 wordt gewezen, van rechtswege tot gevolg dat dient te worden overgegaan tot de vereffening van de boedel of van de onverdeeldheid, waarvan de voorafgaande vereffening noodzakelijk is om de bevolen vereffening of verdeling te voltrekken.
§ 4. Op verzoek van een van de partijen kan de rechtbank, bij een met redenen omklede beslissing, de afzonderlijke vereffening of de afzonderlijke verdeling bevelen voor de in het buitenland gelegen goederen die ze aanwijst. Ze houdt rekening met de aard en de ligging van die goederen. De termijnen bedoeld in de artikelen 1214, § 2, en 1218 zijn in dat geval niet van toepassing op deze afzonderlijke vereffening of deze afzonderlijke verdeling.
De rechtbank kan, indien dit verzoek overeenkomstig artikel 1216 bij haar aanhangig wordt gemaakt door de notaris-vereffenaar, in dezelfde zin bevelen in de loop van de procedure.
Wijzigingsgeschiedenis
- (1)<W 2011-08-13/17, art. 5, 114; Inwerkingtreding : 01-04-2012>
- (2)<W 2025-06-18/02, art. 12, 209; Inwerkingtreding : 07-07-2025>