C.jud. · Gerechtelijk Wetboek (art. 1386–1675)
C.jud. Art. 1437
TITEL II. - BEWAREND BESLAG. — HOOFDSTUK III. - Bewarend beslag op onroerend goed.
De schuldeiser die bewijst dat er gegronde redenen zijn om het beslag te handhaven, kan gemachtigd worden om het te vernieuwen, maar moet de vernieuwing vragen ten minste vijftien dagen vóór het verstrijken van de geldigheidsduur van dat beslag, op straffe van verval.
De vernieuwing wordt gevraagd bij een met redenen omkleed verzoekschrift, samen met de in artikel 1430 voorgeschreven stukken in te dienen bij de rechter die het beslag heeft toegestaan, door een advocaat of een gerechtsdeurwaarder en door deze ondertekend.
Op dit verzoekschrift wordt beschikt binnen de in artikel 1418 bepaalde termijn.
De beschikking waarbij de vernieuwing geweigerd wordt, is niet vatbaar voor hoger beroep.