CODIP · 16 JULI 2004. - Wet houdende het Wetboek van internationaal privaatrecht
CODIP Art. 104
HOOFDSTUK IX. - Verbintenissen. — Afdeling 2. - Toepasselijk recht.
§ 1. Quasi-contractuele verbintenissen worden beheerst door het recht van de Staat waarmee zij de nauwste banden hebben. Behoudens tegenbewijs wordt vermoed dat de verbintenis de nauwste banden heeft met het recht van de Staat op wiens grondgebied het feit zich heeft voorgedaan dat de verbintenis doet ontstaan. Evenwel wordt, behoudens tegenbewijs, vermoed dat de verbintenis ontstaan uit betaling van andermans schuld de nauwste banden heeft met de Staat waarvan het recht de schuld beheerst.
Bij de beoordeling van de nauwste banden kan rekening worden gehouden met een reeds bestaande of voorgenomen relatie tussen de partijen.
§ 2. De partijen kunnen, na het ontstaan van het geschil, kiezen welk recht van toepassing is op de betrokken quasi-contractuele verbintenis. De keuze moet uitdrukkelijk zijn en mag de rechten van derden niet schaden.
Recht toepasselijk op verbintenissen voortvloeiend uit eenzijdige wilsuiting.