CODIP · 16 JULI 2004. - Wet houdende het Wetboek van internationaal privaatrecht
CODIP Art. 119
HOOFDSTUK XI. - Collectieve procedures van insolventie.
§ 1. De insolventieprocedure geopend krachtens artikel 118, § 1, tweede lid, en haar gevolgen worden beheerst door het Belgisch recht.
Het Belgisch recht bepaalt onder welke voorwaarden deze procedure wordt geopend, verloopt en wordt beëindigd. Het bepaalt met name de rechtsvragen die onder artikel 7, § 2, (a) tot (m) van de insolventieverordening worden genoemd.
§ 2. In afwijking van § 1, maar onverminderd de toepassing van het recht aangewezen krachtens § 1 op de vorderingen tot nietigheid, vernietiging of niet-tegenwerpbaarheid van handelingen die voor het geheel van de schuldeisers nadelig zijn, wordt de uitwerking van de opening van een insolventieprocedure op :
1° de zakelijke rechten van derden op goederen die toebehoren aan de schuldenaar en die zich bij de opening van de procedure op het grondgebied van een andere Staat bevinden, beheerst door het recht dat op die zakelijke rechten van toepassing is , onverminderd de individuele uitoefening van de rechten bedoeld in artikel 8, lid 2, van de insolventieverordening;
2° het recht van een schuldeiser om de verrekening van zijn vordering met de vordering van de schuldenaar te vragen, beheerst door het recht dat op de vordering van de insolvente schuldenaar van toepassing is;
3° het eigendomsvoorbehoud van de verkoper van een goed dat zich bij de opening van de procedure op het grondgebied van een andere Staat bevindt, beheerst door het recht dat op de zakelijke rechten op dat goed van toepassing is.
§ 3. In afwijking van § 1 wordt de uitwerking van de opening van een insolventieprocedure op :
1° een overeenkomst die recht geeft op de verkrijging of het gebruik van een onroerend goed, beheerst door het recht dat op die overeenkomst van toepassing is;
2° de rechten en verplichtingen van deelnemers aan een betalingssysteem of afwikkelingssysteem of aan een financiële markt, beheerst door het recht dat op dat systeem of die markt van toepassing is;
3° de arbeidsovereenkomsten en arbeidsbetrekkingen, beheerst door het recht dat op de arbeidsovereenkomst van toepassing is;
4 de rechten van de schuldenaar op een onroerend goed, op een schip of op een luchtvaartuig dat aan inschrijving in een openbaar register onderworpen is, beheerst door het recht dat op die rechten van toepassing is.
§ 4. In afwijking van § 1 :
1° wordt, indien degene die voordeel heeft gehad bij een voor het geheel van de schuldeisers nadelige handeling bewijst dat deze handeling onderworpen is aan het recht van een andere Staat en dit recht in het gegeven geval die handeling niet laat bestrijden, de nietigheid, de vernietigbaarheid of de niet-tegenwerpbaarheid van die handeling beheerst door het recht van die Staat;
2° wordt, in geval de schuldenaar door een rechtshandeling onder bezwarende titel verricht na de opening van de insolventieprocedure, heeft beschikt over een onroerend goed, of over een schip of luchtvaartuig dat aan inschrijving in een openbaar register is onderworpen, of over een effect waarvan het bestaan inschrijving in een wettelijk voorgeschreven register veronderstelt, de rechtsgeldigheid van die handeling tegenover de derdeverkrijger, beheerst door het recht van de Staat waar het onroerend goed gelegen is, of het register gehouden wordt;
3° wordt de uitwerking van de opening van een insolventieprocedure op een lopende rechtsvordering betreffende een goed of recht waarover de schuldenaar het beheer en de beschikking heeft verloren, beheerst door het recht van de Staat waar die rechtsvordering aanhangig is.
Wijzigingsgeschiedenis
- (1)<W 2014-04-25/23, art. 114, 006; Inwerkingtreding : 24-05-2014>
- (2)<W 2017-08-11/14, art. 63, 011; Inwerkingtreding : 01-05-2018>
- (3)<W 2019-03-23/06, art. 19, 013; Inwerkingtreding : 01-05-2019>
- Plicht tot informatieverstrekking en samenwerking.