Code de la démocratie locale et de la décentralisation (Text Art. L2211-3
TITEL I. - Organisatie van de provincies — HOOFDSTUK I. - Algemene bepalingen
§ 1. Onverminderd de wettelijke, decretale of reglementaire bepalingen die uitdrukkelijk en expliciet bevoegdheden aan de provincies toekennen, mogen de provincieraden en provinciecolleges niet uit hoofde van het provinciaal belang besluiten nemen met betrekking tot aangelegenheden als bedoeld in:
1° artikel 6, § 1, IV, van de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der instellingen;
2° artikel 6, § 1, VII, van de bijzondere wet van 8 augustus 1980 betreffende institutionele hervormingen, met uitzondering van de tegemoetkomingen van de provincies in de kosten van de beheerders van elektriciteits- en gasdistributienetten.
§ 2. Elke beslissing genomen in uitvoering van een beraadslaging van het provinciecollege of van de provincieraad en waarbij een financiële tegemoetkoming vóór 1 januari 2015 wordt verleend aan een natuurlijke of een rechtspersoon met betrekking tot de in paragraaf 1, eerste lid, 1° en 2°, bedoelde aangelegenheden en die over meerdere jaren wordt verspreid, blijft uitwerking hebben na 1 januari 2015 volgens de regels van kracht op het ogenblik van de beslissing tot toekenning.
Wijzigingsgeschiedenis
- (1)<Ingevoegd bij DWG 2026-03-26/06, art. 100, 123; Inwerkingtreding : 01-04-2026>
Verwijst naar
- Code de la démocratie locale et de la décentralisation (Text Art. 6