Code de la démocratie locale et de la décentralisation (Text Art. L2212-22
Afdeling 2. - De provincieraad — Onderafdeling 2. - Vergaderingen van de raad en de wijze waarop hij beraadslaagt
§ 1. De oproeping geschiedt via een elektronisch bericht ten minste zeven volle dagen vóór de dag van de vergadering; zij vermeldt de agenda en de voorstellen van beslissing. Stukken die betrekking hebben op agendapunten kunnen echter elektronisch worden verzonden.
Deze termijn wordt evenwel tot drie volle dagen teruggebracht voor de toepassing van artikel L2212-12, derde lid.
In spoedeisende gevallen kan de in het eerste lid bedoelde termijn van oproeping worden ingekort zonder evenwel korter te zijn dan een vrije dag vóór de dag van de vergadering.
De agendapunten dienen met voldoende duidelijkheid aangegeven te worden en worden vergezeld van een verklarende synthesenota.
De oproeping en de stukken betreffende de agendapunten kunnen schriftelijk en aan huis toegezonden worden indien de mandataris daarom schriftelijk heeft verzocht of als het overmaken via een elektronisch bericht technisch onmogelijk is.
Het provinciecollege stelt een persoonlijk elektronisch adres ter beschikking van elk lid van de provincieraad.
Het huishoudelijk reglement bepaalt de nadere regels voor de toepassing van deze paragraaf.
§ 2. Voor elk agendapunt worden alle stukken die erop betrekking hebben, op de griffie van de provincie ter inzage gelegd van de leden van de provincieraad, vanaf het verzenden van de agenda.
De directeur-generaal of de door hem aangewezen ambtenaar alsmede de financieel directeur of de door hem aangewezen ambtenaar blijven ter beschikking van de raadsleden om hun technische inlichtingen die nodig zijn voor het begrip van de dossiers te verstrekken ten minste tijdens twee periodes vóór de zitting van de provincieraad, waaronder één periode tijdens de normale openingsuren van de kantoren en één periode buiten deze uren. Het huishoudelijk reglement bepaalt de nadere regels voor de toepassing van deze paragraaf.
§ 3. Een punt dat niet op de agenda voorkomt, mag niet in bespreking worden gebracht, behalve in spoedeisende gevallen wanneer het geringste uitstel ernstige schade zou kunnen berokkenen.
Tot spoedbehandeling kan niet worden besloten dan door tenminste twee derde van de aanwezige leden; de namen van die leden worden in de notulen vermeld.
§ 4. Elk voorstel dat niet op de agenda voorkomt, moet uiterlijk vijf volle dagen vóór de vergadering overhandigd worden aan de voorzitter van de raad; het moet vergezeld zijn van een verklarende synthesenota of van elk document dat de raad kan voorlichten. De voorzitter deelt de aanvullende agendapunten onverwijld mee aan de leden van de raad.
Van de mogelijkheid vermeld in het vorige lid kan geen gebruik worden gemaakt door een lid van het provinciecollege. Het provinciecollege beschikt echter wel over deze mogelijkheid.
Wijzigingsgeschiedenis
- (1)<DWG 2013-01-31/12, art. 6, 037; Inwerkingtreding : 01-06-2013>
- (2)<DWG 2013-04-18/19, art. 46, 040; Inwerkingtreding : 01-09-2013>
- (3)<DWG 2013-04-18/19, art. 47, 040; Inwerkingtreding : 01-09-2013>
- (4)<DWG 2018-05-24/03, art. 3, 071; Inwerkingtreding : 14-06-2018>
- (5)<DWG 2018-05-24/03, art. 4, 071; Inwerkingtreding : 14-06-2018>
- (6)<DWG 2024-03-28/59, art. 64, 113; Inwerkingtreding : 01-09-2024>