Rechtsbibliotheek en dossieranalyse · Oostenrijk · België · Europese Unie
LAWxPERT Aanmelden Gratis account

Code de la démocratie locale et de la décentralisation (Text · 22 APRIL 2004. - Wetboek van de plaatselijke democratie en decentralisatie (Tekst vervangen door Erratum, zie B.St. 22-03-2005, p. 12597-12721)

Code de la démocratie locale et de la décentralisation (Text Art. L4142-4

HOOFDSTUK II. - [1 Kandidaatstellingen]1 — Afdeling 2. - [1 Voordracht van de kandidaturen]1

Van krachtOfficiële tekst

FRNL (vertaling)

§ 1. Voor de gemeenteraadsverkiezingen moeten de voordrachten van kandidaten ondertekend worden ofwel minstens door twee uittredende gemeenteraadsleden ofwel :

1° in de gemeenten van 20.001 inwoners en meer, door minstens 100 gemeentekiezers;

2° in de gemeenten van 10.001 tot 20.000 inwoners, door minstens 50 gemeentekiezers;

3° in de gemeenten van 5.001 tot 10.000 inwoners, door minstens 30 gemeentekiezers;

4° in de gemeenten van 2.001 tot 5.000 inwoners, door minstens 20 gemeentekiezers;

5° in de gemeenten van 500 tot 2.000 inwoners, door minstens 10 gemeentekiezers;

6° in de gemeenten van minder dan 500 inwoners, door minstens 5 gemeentekiezers.

Het bevolkingscijfer is het cijfer vastgesteld overeenkomstig artikel L1121-3, lid 1.

§ 2. Voor de provincieraadsverkiezingen moeten de voordrachten van kandidaten ondertekend worden door ofwel minstens vijftig provinciekiezers, ofwel door minstens drie uittredende provincieraadsleden.

§ 3. De voordracht wordt overgemaakt aan de voorzitter van het kieskringbureau die een ontvangstmelding verstrekt, door één van de drie daartoe door de kandidaten in hun verklaring van bewilliging aangewezen ondertekenaars of door één van de twee kandidaten die daartoe zijn aangewezen door de uittredende gemeenteraads- of provincieraadsleden als zijnde gemachtigd om die verklaring in te dienen.

§ 4. Een kiezer mag niet meer dan één akte van voordracht van kandidaten voor dezelfde verkiezing ondertekenen. Een uittredend gemeenteraads- of provincieraadslid mag niet meer dan één akte van voordracht voor dezelfde verkiezing ondertekenen. De kiezer of het uittredend raadslid kunnen een voordrachtsakte ondertekenen voor de provincieraadsverkiezingen en een andere voor de gemeenteraadsverkiezingen, voorzover ze dezelfde politieke partij betreffen. ...

§ 5. In de akte van voordracht worden de naam, de voornamen, de geboortedatum, het geslacht, het beroep, het identificatienummer in het Rijksregister der natuurlijke personen en de hoofdverblijfplaats van de kandidaten en, eventueel, de kiezers die hen voordragen vermeld. De identiteit van de kandidate, getrouwd of weduwe, kan gevolgd worden door de naam van haar/zijn echtgenoot (-genote) of overleden echtgenoot (-genote). De voornaam van de kandidaat bij de geboorte kan gevolgd worden door de gebruikelijke voornaam, voorzover er door die vermelding geen verwarring ontstaat met een andere kandidaat of een in de kieskring bekende persoonlijkheid. De Regering stelt de nadere regels vast waarin het gebruik van de gebruikelijke voornaam aanvaard wordt.

In de voordracht wordt de toelating tot lijstverbinding vermeld overeenkomstig artikel L4142-34.

Daarin worden het letterwoord vermeld die boven aan de lijst van de kandidaten op het stembiljet moeten worden geplaatst. Dat letterwoord neemt het bepaalde van artikel L4142-26, § 3, van dit Wetboek in acht.

§ 6. Bij de voordrachten worden volgende stukken gevoegd :

1° een lijst van de ondertekenende kiezers bedoeld in §§ 1 en 2 waarbij voor elk van hen aangegeven wordt of ze een eventuele aanwijzing als partijgetuige dan wel als plaatsvervangend getuige aanvaarden;

2° een door elke kandidaat ondertekende verklaring van bewilliging;

...

3° de toelating bedoeld in § 3, met betrekking tot de indiener;

4° een verbintenis om de wetsbepalingen inzake de beperking en de controle van de verkiezingsuitgaven na te leven en zowel laatstgenoemden als de herkomst van de geldmiddelen aan te geven volgens de regels bepaald in artikel L4131-4, § 1;

5° voor de lijstaanvoerder, een verbintenis om binnen de dertig dagen na de verkiezingen de uitgaven aan te geven met betrekking tot de verkiezingscampagne van de lijst en de herkomst van de geldmiddelen aan te geven volgens de regels bepaald in artikel L4131-4, § 1, lid 2;

6° een verbintenis om tijdens de verkiezingen en hun mandaat de democratische beginselen na te leven van een rechtsstaat en de rechten en vrijheden van de Grondwet, het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden van 4 november 1950 en het internationaal verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten van 19 november 1966;

7° een eventuele verklaring van toetreding tot een welbepaalde akte van lijstenvereniging overeenkomstig artikel L4142-29 of, omgekeerd, van verzaking aan die verbinding zoals bepaald in artikel L4142-33 van dit Wetboek;

8° voor de niet-Belgische kandidaten van de Europese Unie, een individuele schriftelijke en ondertekende verklaring met vermelding van hun nationaliteit en het adres van hun hoofdverblijfplaats waarin ze bevestigen dat ze geen functie of mandaat vergelijkbaar met die of dat van een gemeenteraadslid, schepen, of burgemeester uitoefenen bij een plaatselijke overheid in andere lidstaat van de Europese Unie, dat ze in een andere lidstaat van de Europese Unie geen gelijkwaardig ambt vervullen met dat bedoeld in artikel L1125-1, lid 1, 1° tot en met 8°, waarin de onverenigbaarheden worden vermeld en dat ze noch vervallen noch geschorst zijn op de datum van de verkiezing van hun verkiesbaarheidsrecht in hun staat van oorsprong;

9° de eventuele verklaringen van lijstverbinding bedoeld in artikel L4142-34, tweede lid;

10° de attesten van de ondertekenende kiezers, de indieners en de voorgedragen kandidaten om aan te tonen dat zij kiezers zijn in hun gemeente.

Die verklaringen worden tegen een ontvangstbewijs ingediend, vastgesteld op een formulier volgens de regels vastgesteld door de Regering.

Met uitzondering van de verklaring vermeld onder lid 1, 7° worden alle verklaringen voorgeschreven op straffe van onontvankelijkheid.

De akte van aanvaarding bedoeld in het eerste lid, 2°, vermeldt het voornemen om een lijstverbinding aan te gaan, overeenkomstig artikel L4142-34. Zij vermeldt tevens de namen van de getuigen en plaatsvervangende getuigen van de lijst, overeenkomstig artikel L4134-1. Zij bevat ook een verklaring waarbij de kandidaten afstand doen van het recht om te worden vergeten als bedoeld in artikel 17 van Verordening (EU) 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van Richtlijn 95/46/EG.

De attesten, vermeld in het eerste lid, 10°, zijn deze vermeld in artikel 1, 9°, van het ministerieel besluit van 21 april 2017 tot bepaling van de modellen van attesten bedoeld in artikel 3, § 1, eerste lid, van het koninklijk besluit van 5 juni 2004 tot vaststelling van het stelsel van de rechten tot inzage en verbetering van de gegevens die op elektronische wijze opgeslagen zijn op de identiteitskaart en van de informatiegegevens die zijn opgenomen in de bevolkingsregisters of in het Rijksregister van de natuurlijke personen.

Wijzigingsgeschiedenis
  • (1)<DWG 2006-06-01/31, art. 2, 008; Inwerkingtreding : 09-06-2006>
  • (2)<DWG 2023-06-01/29, art. 125, 105; Inwerkingtreding : 14-09-2023>