Rechtsbibliotheek en dossieranalyse · Oostenrijk · België · Europese Unie
LAWxPERT Aanmelden Gratis account

Code de l'environnement. - Livre 1er : Dispositions communes · 17 MAART 2005. - Milieuwetboek - Boek 1 : Algemene en gemeenschappelijke bepalingen. - Regelgevend deel.

Code de l'environnement. - Livre 1er : Dispositions communes Art. R41-3

TITEL III. [1 - Inspraak van het publiek inzake het leefmilieu]1 — HOOFDSTUK I. [1 - Informatievergadering]1

Van krachtOfficiële tekst

FRNL (vertaling)

§ 1. Wanneer de aanvrager de in artikel R.72, § 3, bedoelde beslissing ontvangt en als ze gunstig is, organiseert hij in de gemeente waar het project de grootste oppervlakte bestrijkt, de voorafgaande informatievergadering waarop de bevolking van de overeenkomstig artikel D.29-5, § 3, betrokken gemeente(n) wordt uitgenodigd overeenkomstig artikel D.29-5, § 3, evenals het Gewest, de Lidstaat van de Europese Unie of de Staat die partij is bij het Verdrag van Espoo van 25 februari 1991 inzake milieueffectrapportage in grensoverschrijdend verband, indien is vastgesteld dat het project een effect kan hebben op het leefmilieu van een andere Staat of een ander Gewest.

Indien de in het eerste lid bedoelde gemeente niet beschikt over een zaal die groot genoeg is om het verwachte publiek te ontvangen, organiseert de aanvrager ofwel:

1° verschillende informatievergaderingen in de gemeente;

2° een eenmalige informatievergadering in een andere betrokken gemeente of een naburige gemeente met een zaal die groot genoeg is voor het verwachte publiek.

De aanvrager nodigt voor de vergadering, of voor de verschillende vergaderingen als er meerdere zijn, ook de volgende personen uit die op de vergadering vertegenwoordigd kunnen zijn:

1° de persoon die de aanvrager heeft gekozen om het milieueffectonderzoek uit te voeren, als een dergelijk onderzoek wordt vereist;

2° de bevoegde overheid;

3° de Administratie Leefmilieu en de Administratie Ruimtelijke Ordening;

4° de beleidsgroep "Leefmilieu" en, volgens de gevallen bedoeld in artikel R.82, § 1, leden 2 tot 4, de gemeentelijke adviescommissie Ruimtelijke Ordening en Mobiliteit en de beleidsgroep "Ruimtelijke Ordening"; deze instanties kunnen er hoogstens twee leden afvaardigen;

5° de vertegenwoordigers van de overeenkomstig artikel D.29-5, § 3, betrokken gemeente(n);

6° de vertegenwoordigers van de betrokken overheid(en) van het Gewest, de Lidstaat van de Europese Unie of de Staat die partij is bij het Verdrag van Espoo van 25 februari 1991 inzake milieueffectrapportage in grensoverschrijdend verband overeenkomstig artikel D.29-24-2, § 2, wanneer het project een aanzienlijk effect kan hebben op het leefmilieu van een naburige Staat of Gewest.

In het in 6° bedoelde geval en indien de vertegenwoordiger(s) gunstig heeft (hebben) geantwoord op de in artikel D.29-24-2, § 2, bedoelde kennisgeving, zorgt de aanvrager er eveneens voor:

1° dat de vertegenwoordiger of het publiek van het Gewest, van de Lidstaat van de Europese Unie en/of van de Staat die partij is bij het Verdrag van Espoo van 25 februari 1991 inzake milieueffectrapportage in grensoverschrijdend verband, uitgenodigd om deel te nemen, de uitwisselingen begrijpt;

2° dat een redelijke termijn in acht wordt genomen tussen het ogenblik waarop de vertegenwoordiger(s) gunstig heeft (hebben) geantwoord op de kennisgeving bedoeld in artikel D.29-24-2, § 2, en het houden van de voorafgaande informatievergadering of de eerste vergadering indien er meerdere zijn.

Met betrekking tot 1° moet de aanvrager op eigen kosten zorgen voor een tolkendienst die uitwisselingen kan vertalen in de taal van het betrokken publiek en omgekeerd.

§ 2. Naast de organisatie van de voorafgaande informatievergadering en de modaliteiten ervan die vastgesteld zijn in paragraaf 1, filmt de aanvrager de voorafgaande informatievergadering met video-opname, overeenkomstig artikel D.29-5, § 5.

Het bericht bedoeld in artikel D.29-5, § 3, vermeldt het internetadres waar de video-opname zal worden gehost.

Naast de modaliteiten van artikel D.29-5, § 3, vierde lid, wordt het bericht gepubliceerd op de website van de gemeente of gemeenten waarvoor het geplande project gevolgen kan hebben.

§ 3. Als de technische middelen voor elektronische communicatie niet toelaten dat de videoconferentie op hetzelfde tijdstip plaatsvindt als de fysieke vergadering of als er geen fysieke vergadering is, wordt de voorafgaande informatievergadering opgenomen en zal de aanvrager het publiek een internetlink ter beschikking stellen waarmee de opname op een later tijdstip kan worden bekeken. Het publiek kan opmerkingen maken overeenkomstig artikel R.41-4.

Behalve wanneer uitzonderlijke omstandigheden vereisen dat uitsluitend gebruik wordt gemaakt van elektronische communicatie, kan het niet houden van een voorafgaande informatievergadering per videoconferentie geen afbreuk doen aan de milieubeoordelingsprocedure of de vergunningsaanvraagprocedure, ongeacht of dit vrijwillig of onvrijwillig gebeurt, met name wegens technische problemen die het houden van de vergadering geheel of gedeeltelijk belemmeren.

Wijzigingsgeschiedenis
  • (1)<BWG 2024-05-23/34, art. 3, 046; Inwerkingtreding : 02-11-2024>