CDE · 28 FEBRUARI 2013. - Wetboek van economisch recht
CDE Art. VII.38
Afdeling 2. - [1 Toestaan van betalingstransacties]1 — Onderafdeling 4. - [1 Plichten met betrekking tot betaalinstrumenten en persoonlijke beveiligingsgegevens]1
§ 1. De betalingsdienstgebruiker die gemachtigd is een betaalinstrument te gebruiken, voldoet aan de volgende verplichtingen:
1° hij gebruikt het betaalinstrument overeenkomstig de voorwaarden die op de uitgifte en het gebruik van het betaalinstrument van toepassing zijn; deze voorwaarden moeten objectief, niet-discriminerend en evenredig zijn;
2° wanneer hij zich rekenschap geeft van het verlies, de diefstal, het onrechtmatig gebruik of het niettoegestane gebruik van het betaalinstrument, stelt hij de betalingsdienstaanbieder of de door laatstgenoemde aangeduide entiteit daarvan onverwijld in kennis.
§ 2. Voor de toepassing van paragraaf 1, 1°, neemt de betalingsdienstgebruiker, zodra hij een betaalinstrument ontvangt, in het bijzonder alle redelijke maatregelen om de veiligheid van het betaalinstrument en de persoonlijke beveiligingsgegevens ervan te waarborgen.
Wijzigingsgeschiedenis
- (1)<W 2018-07-19/09, art. 10, 063; Inwerkingtreding : 09-08-2018>