CDE · 28 FEBRUARI 2013. - Wetboek van economisch recht
CDE Art. XVI.11
Titel 3. [1 : De Consumentenombudsdienst]1 — Hoofdstuk 2. [1 Werking]1
§ 1. Ter vervulling van zijn opdrachten bedoeld in artikel XVI.6 wordt de Consumentenombudsdienst gefinancierd door:
1° een subsidie ten laste van de algemene uitgavenbegroting;
2° bijdragen door de ondernemingen die betrokken zijn bij de buitengerechtelijke regeling van consumentengeschillen bedoeld in artikel XVI.6, 3°, en die geen betrekking hebben op aanvragen voor buitengerechtelijke regeling van een consumentengeschil die onmiskenbaar ongegrond zijn;
3° een gedeelte van de "ombudsbijdragen" die worden geheven ter financiering van de ombudsdiensten bedoeld in artikel XVI.8, § 1.
§ 2. De Koning bepaalt, bij een in Ministerraad overlegd besluit, de bijdragen bedoeld in paragraaf 1, 2° en 3°. Bij de bepaling van de bijdragen van de ombudsdiensten, zoals bedoeld in paragraaf 1, 3°, houdt hij onder meer rekening met de besparingen en synergievoordelen die ze hebben gerealiseerd of nog zullen realiseren als gevolg van de gezamenlijke huisvesting en hun samenwerking.
Wijzigingsgeschiedenis
- (1)<W 2017-04-18/03, art. 35, 046; Inwerkingtreding : 04-05-2017>