Code réglementaire wallon de l'Action sociale et de la Santé Art. 1316
HOOFDSTUK II. - Erkenning — Afdeling 1. - Erkenningsaanvraag
De aanvraag om eerste erkenning wordt bij aangetekend schrijven aan het Agentschap gericht. Ze gaat vergezeld van de volgende documenten en gegevens :
1° het project van de dienst, alsmede de wijze waarop de individuele projecten uitgewerkt en opgevolgd worden;
2° een huishoudelijk reglement;
3° een nota met opgave van de aard en het type activiteiten, het aantal personen dat men overweegt te begeleiden, hun geslacht en leeftijd;
4° de identiteit van de directeur van de dienst, zijn getuigschrift van goed zedelijk gedrag (minder dan drie maanden oud), dat vrij is van elke criminele of correctionele straf die onverenigbaar is met de functie, alsook de geschreven delegatie van bevoegdheden van de inrichtende macht bedoeld in artikel 1323;
5° een afschrift van het of de diploma's van de directeur;
6° behalve voor de projecten betreffende het zelfstandig leven in een privatieve woning bewoond door maximum 6 personen, een verslag van een gemeentelijke of regionale brandbestrijdingsdienst waarbij bevestigd wordt dat alle voorzorgsmaatregelen zijn getroffen om brand te voorkomen, dit verslag vermeldt de opvangcapaciteit en de aard van de structuren;
7° de referenties die nuttig zijn bij het zoeken naar de statuten van de diensten in het Belgisch Staatsblad;
8° een model van de type-overeenkomst gesloten tussen de personen en de beheerder.
9° plannen van de bestaande en geplande situatie, de indeling, evenals die van de verschillende niveaus, de belangrijkste doorsneden, de aanzichten van de gevels met inbegrip van die van de bestaande gebouwen in het geval van aanpassing aan een of twee procent nuttig voor het begrip, geconcretiseerd in een leidend schema.
Het huishoudelijk reglement moet hoe dan ook volgende gegevens bevatten :
1° de nauwkeurige identificatie (naam, zetel, aard, rechtsvorm) van de rechtspersoon die verantwoordelijk is voor het beheer van de dienst;
2° de doelstellingen van de dienst en alle activiteiten die hij aanbiedt;
3° in voorkomend geval, de bijzondere opvangvoorwaarden, met name die i.v.m. de proefperiode, de specifieke kenmerken van de begunstigden zoals leeftijd, geslacht, en handicap(s);
4° de redenen waarom een gehandicapte persoon moet worden geheroriënteerd of uit de dienst weggestuurd, de duur van de opzegging;
5° de wijze waarop eventuele bezwaren, suggesties en opmerkingen moeten worden ingediend en behandeld;
6° de wederzijdse rechten en verplichtingen van de begunstigde, van zijn wettelijke vertegenwoordiger en de dienst;
7° de risico's die door de door de dienst gesloten verzekeringspolissen gedekt worden.
Wijzigingsgeschiedenis
- (1)<BWG 2023-09-14/25, art. 5, 102; Inwerkingtreding : 01-01-2023>