Rechtsbibliotheek en dossieranalyse · Oostenrijk · België · Europese Unie
LAWxPERT Aanmelden Gratis account

Code réglementaire wallon de l'Action sociale et de la Santé · 4 JULI 2013. - Reglementair deel van het Waals Wetboek van Sociale Actie en Gezondheid

Code réglementaire wallon de l'Action sociale et de la Santé Art. 186

HOOFDSTUK II. - Erkenning — Afdeling 1. - Toekenningsvoorwaarden

Van krachtOfficiële tekst

FRNL (vertaling)

Om erkend te worden, voldoet het Centrum voor maatschappelijk werk aan de volgende voorwaarden :

1° hetzij de vorm hebben aangenomen van een vereniging zonder winstoogmerk, die de in artikel 1984 bepaalde opdracht als uitsluitende doelstelling heeft, hetzij opgericht zijn door een landsbond of een ziekenfonds zoals bepaald bij de wet van 6 augustus 1990 betreffende de ziekenfondsen en de landsbonden van ziekenfondsen;

2° minstens drie geschoolde beroepskrachten voltijds tewerkstellen indien ze beschikken over het diploma maatschappelijk assistent(e) bepaald bij de wet van 12 juni 1945 tot bescherming van den titel van maatschappelijk assistent of over het diploma gegradueerd sociaal verpleger bepaald bij het koninklijk besluit van 17 augustus 1957 houdende vaststelling van de voorwaarden waaronder het diploma van vroedvrouw, verpleger of verpleegster wordt toegekend en waaronder het beroep wordt uitgeoefend, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 11 juli 1960, of over een overeenkomstig artikel 25, 3°, van bovenbedoeld koninklijk besluit gelijkwaardig verklaarde titel, of over een gelijkwaardig verklaard buitenlands diploma;

3° over een centraal secretariaat en één of meer consultatiebureaus beschikken;

4° een bestendige dienst van minimum tien uur per week en per voltijdse equivalent werknemer waarnemen, overeenkomstig artikel 193, tweede lid ;

5° op de verschillende plaatsen waar de zittingen en raadplegingen plaatsvinden over de nodige uitrusting beschikken om zijn opdracht doelmatig en discreet te volbrengen, met dien verstande dat de wachtkamer en de spreekkamer van elkaar gescheiden zijn;

6° open staan voor alle personen, ongeacht hun ideologische, filosofische of godsdienstige overtuiging, ongeacht hun nationaliteit, waarbij geen aansluiting bij het Centrum voor maatschappelijk werk wordt geëist;

7° vooraf gedurende minstens zes maanden de in artikel 184 bedoelde activiteiten uitgeoefend hebben, hetzij met minstens één voltijds bezoldigde beroepskracht zoals bepaald onder 2°, hetzij met twee of verschillende halftijds bezoldigde beroepskrachten.

Twee van de drie voltijdse betrekkingen bedoeld in het eerste lid, 2°, mogen uitgeoefend worden door verschillende halftijds tewerkgestelde beroepskrachten. Minstens de helft van de tewerkgestelde geschoolde beroepskrachten van het Centrum beschikt over een diploma maatschappelijk assistent(e).

Het aantal uren vermeld in het eerste lid, 4°, kan onder de consultatiebureaus verdeeld worden. De bestendige dienst bedoeld in het eerste lid, 4°, wordt waargenomen door gekwalificeerde beroepskrachten in de zin van het eerste lid, 2°, die al dan niet deel uitmaken van het aantal personeelsbestanden die in aanmerking genomen worden voor de toekenning van de subsidies. Die bestendige dienst wordt minstens vierenveertig weken per jaar waargenomen.

Wijzigingsgeschiedenis
  • (1)<BWG 2014-12-04/07, art. 51, 024; Inwerkingtreding : 01-01-2015>