Code réglementaire wallon de l'Action sociale et de la Santé Art. 1973
Afdeling 1. [1 - Erkenningsvoorwaarden]1 — Onderafdeling 5. [1 - Voorwaarden inzake overeenkomst voor individuele huisvesting]1
§ 1. Het tehuis voor collectieve huisvesting sluit met iedere bewoner een overeenkomst voor individuele huisvesting. Deze overeenkomst wordt binnen de vijftien dagen na de intrede van de persoon ondertekend op basis van de aankomstdatum die in het bewonersregister is opgetekend.
§ 2. De overeenkomst voor individuele huisvesting wordt in twee exemplaren opgemaakt, elk daarvan gedagtekend en ondertekend door:
1° de directeur;
2° de bewoner;
3° zijn bewindvoerder over de goederen of de persoon die de bewoner aangewezen heeft als vertrouwenspersoon, voorafgaandelijk aan de opname van de bewoner.
Het exemplaar dat voor de bewoner bestemd is moet hem tegen ontvangstbewijs afgegeven worden.
Het exemplaar voor het tehuis voor collectieve huisvesting en het ontvangstbewijs van de bewoner worden bij het individueel dossier, bedoeld in artikel 694/27 van het decreetgevend deel van het Wetboek, gevoegd.
Het tehuis voor collectieve huisvesting is verantwoordelijk voor de bewaring en de behandeling van de persoonsgegevens van de bewoners.
§ 3. Elke wijziging van de overeenkomst voor individuele huisvesting wordt opgenomen in een ondertekend en bewaard aanhangsel met naleving van de regels van § 2. Elk aanhangsel gaat als bijlage bij de overeenkomst voor individuele huisvesting.
§ 4. De overeenkomst voor individuele huisvesting omvat:
1° de aangeboden diensten;
2° de optionele diensten en de wijze waarop de bewoner zich tegen deze optionele diensten kan verzetten;
3° de nadere opzegregels;
4° de omstandige omschrijving van de financiële participatie bepaald voor de bewoner, met inbegrip van de nadere regels voor het berekenen, betalen en herzien van d tarieven. Het model voor de overeenkomst voor individuele huisvesting is vastgesteld in bijlage 140.
§ 5. De huisvestingsprijs, vastgesteld in de overeenkomst voor individuele huisvesting, kan geïndexeerd worden met inachtneming van de voorwaarden bepaald in het model voor individuele huisvesting in bijlage 140. De indexering stemt overeen met de nadere regels bepaald bij de wet van 2 augustus 1971 houdende inrichting van een stelsel waarbij de wedden, lonen, pensioenen, toelagen en tegemoetkomingen ten laste van de openbare schatkist, sommige sociale uitkeringen, de bezoldigingsgrenzen waarmee rekening dient gehouden bij de berekening van sommige bijdragen van de sociale zekerheid der arbeiders, alsmede de verplichtingen op sociaal gebied opgelegd aan de zelfstandigen, aan het indexcijfer van de consumptieprijzen worden gekoppeld.
§ 6. In geval van nieuwbouw of van verbouwingswerken in de inrichting behoudt de bewoner die voor de aanvang van de werken aanwezig was een recht op de handhaving van de huisvestingsprijs, tenzij het tehuis voor collectieve huisvesting vóór 1 juli 2018 met zijn activiteit is begonnen. In dit geval kan het tehuis voor collectieve huisvesting de huisvestingsprijs met maximum vijf procent verhogen onder de volgende voorwaarden:
1° deze verhoging kan slechts één keer per inrichting plaatsvinden, zelfs als de inrichtende macht verandert;
2° de inrichtende macht heeft overeenkomstig artikel 1982 een actieplan opgesteld dat werken voor de aanpassing aan de normen impliceert, wat een verhoging van de huisvestingsprijs rechtvaardigt;
3° dat actieplan wordt nageleefd;
4° de kamer van de bewoner voldoet aan de normen;
5° de prijsverhoging wordt meegedeeld aan de bewoner of aan zijn vertegenwoordiger en aan de Administratie;
6° de verhoging treedt in werking ten vroegste dertig dagen na de kennisgeving ervan en in ieder geval na de aanpassing aan de normen van de kamer van de bewoner;
7° de verhoging wordt minstens twee maanden voor de mededeling aan de bewoners aan het Agentschap meegedeeld.
Deze verhoging geschiedt in de vorm van een aanhangsel overeenkomstig de paragrafen 2 en 3.
§ 7. Naast de verhogingen bedoeld in de paragrafen 5 en 6 is elke verhoging van de huisvestingsprijs uitdrukkelijk voorzien in de in bijlage 140 bedoelde overeenkomst voor individuele huisvesting, of wordt gerechtvaardigd door aanvullende diensten die door de bewoner worden gekozen of door een door de bewoner gekozen verandering van kamer. Indien de verhoging wordt gerechtvaardigd door aanvullende diensten die door de bewoner worden gekozen of door een verandering van kamer die de bewoner heeft gekozen, maakt ze overeenkomstig de paragrafen 2 en 3 het voorwerp uit van een aanhangsel waarin de volgende gegevens worden vermeld:
1° iedere aanvullende dienst of de verandering van kamertype;
2° het bijkomende maandelijkse bedrag dat aan de bewoner in rekening zal worden gebracht en de datum waarop het nieuwe bedrag van kracht wordt;
3° de datum vanaf wanneer een dienst operationeel zal zijn;
4° het totale maandelijkse bedrag dat voortaan van de bewoner zal worden geëist;
5° de voorwaarden waaronder de bewoner kan afzien van de dienst en van het bijkomende bedrag in verband met dienst en met de eventuele opzeggingsdatum, die niet meer dan een maand mag bedragen.
Wanneer de kamer in de loop van de maand ter beschikking van de bewoner gesteld wordt, dan is hij, voor de eerste keer, een bedrag verschuldigd dat overeenstemt met het nog te lopen gedeelte van die maand. Dezelfde evenredigheidsregel is van toepassing wanneer de bewoner in de loop van de maand vertrekt, indien hij of zijn vertegenwoordiger het vertrek ten minste dertig dagen van tevoren heeft gemeld.
Wijzigingsgeschiedenis
- (1)<Ingevoegd bij BWG 2019-07-18/32, art. 2, 077; Inwerkingtreding : 21-12-2019>
Verwijst naar
- Code réglementaire wallon de l'Action sociale et de la Santé Art. 1982
- Code réglementaire wallon de l'Action sociale et de la Santé Art. 694/27