Rechtsbibliotheek en dossieranalyse · Oostenrijk · België · Europese Unie
LAWxPERT Aanmelden Gratis account

Code belge de la Navigation · 8 MEI 2019. - Belgisch Scheepvaartwetboek

Code belge de la Navigation Art. 3.6.3.31

Afdeling 1. [1 - Goederenvervoer]1 — Onderafdeling 8. [1 - Bijzondere bepalingen]1

Van krachtOfficiële tekst

FRNL

Vracht en de overige op de goederen rustende vorderingen

§ 1. Wanneer de afzender de in de overeenkomst vermelde hoeveelheid goederen niet heeft ingeladen, is de afzender verplicht de vracht voor de niet geladen hoeveelheid voor het begin van het vervoer te voldoen. De voorliggende bepaling is niet van toepassing indien een blokvracht of een vracht per dag of deel van een dag werd afgesproken.

De vervoerder kan tevens op het tijdstip van beëindiging van de belading een voorschot gelijk aan een derde van de vracht eisen.

De vervoerder is gerechtigd de afvaart niet aan te vatten, zolang de in het eerste en tweede lid bedoelde bedragen niet zijn voldaan.

§ 2. Onverminderd de bepalingen van paragraaf 1 is de vracht opeisbaar zodra de lostijd is verstreken.

De overige op de goederen rustende vorderingen waartoe de overeenkomst aanleiding geeft, zoals bijkomende kosten, overliggelden en andere schadevergoedingen, alsmede desgevallend de bijdrage in averij-grosse, zijn opeisbaar zodra het feit dat tot de vordering aanleiding heeft gegeven, zich heeft voorgedaan en mits de verschuldigdheid niet wordt betwist.

Worden de in het eerste of tweede lid bedoelde bedragen of de verschuldigdheid ervan betwist of is afgeweken van de voorgaande leden van deze paragraaf, kan de vervoerder het stellen van een zekerheid eisen en mag hij de afvaart of de voortzetting van de reis of de aflevering van de goederen weigeren zolang deze niet wordt gesteld.

Behoudens indien door de vervoerder, of in geval van ondervervoer door de ondervervoerder, in het vervoersdocument werd bevestigd dat op de goederen rustende vorderingen voldaan zijn, is elk beding dat het recht op het stellen van zekerheid en het recht om van de geadresseerde, die om aflevering verzoekt, betaling van de in dit artikel bedoelde bedragen te vorderen, uitsluit, nietig.

§ 3. Aanvaarding door de vervoerder van het saldo van de vracht, berekend naar het uitgeleverd gewicht, sluit geen erkenning in van manco.

§ 4. Ingeval een deel van de goederen niet ter bestemmingsplaats aankomt, is slechts een evenredige vracht verschuldigd, die niet minder mag bedragen dan een derde van de overeengekomen vracht.

Is een deel van de goederen over boord geworpen tot gemeen behoud van het binnenschip en lading, dan is de volle vracht verschuldigd, maar draagt zij bij in de averij-grosse.

Deze regels doen geen afbreuk aan het recht van verhaal op degenen door wier schuld de goederen verloren gegaan of niet aangekomen zijn.

§ 5. Onverminderd het bepaalde in artikel 3.6.3.19, § 5, doet verlies of beschadiging van de goederen of vertraging in de aflevering geen afbreuk aan het recht van de vervoerder op de overige op de goederen rustende vorderingen.

Wijzigingsgeschiedenis
  • (1)<Ingevoegd bij W 2024-04-14/27, art. 25, 014; Inwerkingtreding : 01-01-2025>