Rechtsbibliotheek en dossieranalyse · Oostenrijk · België · Europese Unie
LAWxPERT Aanmelden Gratis account

Code belge de la Navigation · 8 MEI 2019. - Belgisch Scheepvaartwetboek

Code belge de la Navigation Art. 4.5.2.8

Titel 5. - Internationale misdrijven — HOOFDSTUK 2. - Piraterij

Van krachtOfficiële tekst

FRNL

Vervolging

§ 1. De piraterij inbreuken bedoeld in de artikel en 4.5.2.2 en 4.5.2.3 aan boord van een Belgisch schip worden geacht te zijn gepleegd op het grondgebied van het Rijk.

§ 2. De federale procureur is bevoegd om in België elke persoon te vervolgen die zich buiten het grondgebied van het Rijk schuldig maakt aan het misdrijf van piraterij bedoeld in de artikel en 4.5.2.2 en 4.5.2.3, wanneer de feiten tegen een Belgisch schip zijn gepleegd of wanneer de verdachten werden aangehouden overeenkomstig artikel 4.5.2.7 door Belgische militairen of door andere Belgische schepen met kentekens waaruit duidelijk blijkt dat zij in dienst zijn van de Staat en die daartoe gemachtigd zijn, of door een Belgisch militair beschermingsteam aan boord van een burgerschip, of door een schip dat de Belgische vlag voert en dat rechtsreeks betrokken is bij het in de artikel en 4.5.2.2 en 4.5.2.3 bedoeld misdrijf.

§ 3. De in paragraaf 2 bedoelde vervolgingen kunnen plaatsvinden, zelfs indien de persoon niet wordt gevonden op het grondgebied van het Rijk.

§ 4. De federale procureur oordeelt over de opportuniteit van de vervolging, rekening houdend met de concrete omstandigheden van de zaak.

Voor zover dit rechtscollege de kenmerken van onafhankelijkheid, onpartijdigheid en billijkheid vertoont, zoals inzonderheid kan blijken uit de relevante internationale verbintenissen waardoor België en de Staat van dit rechtscollege gebonden zijn, kan hij beslissen dat deze zaak, in het belang van een goede rechtsbedeling en met eerbiediging van de internationale verplichtingen van België, aanhangig zou moeten worden gemaakt :

- hetzij bij het rechtscollege van de vlaggenstaat van het schip waartegen de feiten zijn gepleegd;

- hetzij bij het rechtscollege van de Staat waarvan de dader een onderdaan is of van de plaats waar hij kan worden gevonden;

- hetzij bij het rechtscollege van een derde Staat, zulks zodra de voorwaarden van deze overdracht met deze Staat zijn vastgesteld op een wijze die in overeenstemming is met het toepasselijk internationaal recht.

§ 5. De burgerlijke partijstellingen zijn slechts ontvankelijk na de beslissing van de federale procureur om de strafvordering uit te oefenen.

§ 6. De rechtscolleges te Brussel zijn uitsluitend bevoegd om kennis te nemen van de in de artikel en 4.5.2.2 en 4.5.2.3 bedoelde misdrijven.