Rechtsbibliotheek en dossieranalyse · Oostenrijk · België · Europese Unie
LAWxPERT Aanmelden Gratis account

Code de l'enseignement fondamental et de l'enseignement seco · 3 MEI 2019. - Wetboek voor het basis- en secundair onderwijs

Code de l'enseignement fondamental et de l'enseignement seco Art. 6.2.2-6

HOOFDSTUK II. [1 - Structuur van de territoriale polen]1 — Afdeling 3. [1 - De samenwerking tussen de territoriale pool en de samenwerkende scholen]1

Van krachtOfficiële tekst

FRNL (vertaling)

§ 1. Overeenkomstig artikel 6.2.2-1, tweede lid, sluit elke inrichtende macht van een school voor gewoon onderwijs een samenwerkingsovereenkomst met de inrichtende macht van een territoriale pool die opgericht is of in oprichting is, gelegen in dezelfde zone. Deze overeenkomst is van toepassing voor het geheel van de periode van samenstelling van de pool bedoeld in artikel 6.2.2-3.

De inrichtende macht van de territoriale pool bezorgt de overeenkomst(en) gesloten met de inrichtende macht(en) van de samenwerkende scholen aan de diensten van de regering volgens de nadere regels bepaald door de regering. De regering bepaalt het model van overeenkomst bedoeld in het eerste lid.

In afwijking van het eerste lid kan de regering, op advies van de algemene raad(en) bevoegd voor het georganiseerde (de) onderwijsniveau(s), het sluiten van een samenwerking toelaten tussen de inrichtende macht van een territoriale pool en de inrichtende macht van een school voor gewoon onderwijs gelegen in twee aaneengesloten gebieden. Daartoe dient de inrichtende macht van de territoriale pool een met redenen omkleed verzoek in, eventueel ondertekend door de twee betrokken inrichtende machten. Voor de toepassing van deze bepaling wordt de zone Brussel geacht aaneengesloten te zijn met de zone Waals-Brabant.

§ 2. Met het oog op het sluiten van een samenwerkingsovereenkomst dient de inrichtende macht van een school voor gewoon onderwijs een aanvraag om samenwerking in bij de inrichtende macht van de territoriale pool die is opgericht of in oprichting is van haar keuze.

Elke weigering om samen te werken moet worden gemotiveerd door de inrichtende macht van de territoriale pool die opgericht of in oprichting is. Wallonie Bruxelles Enseignement kan niet weigeren een samenwerking te sluiten.

De inrichtende macht van de school voor gewoon onderwijs kan een beroep aantekenen bij de regering voor de weigering om een samenwerkingsovereenkomst te sluiten. Indien zij deze weigering onredelijk acht, kan de regering, volgens de procedure bedoeld in het vijfde lid, een van de volgende sancties opleggen ten opzicht van de inrichtende macht van de territoriale pool die opgericht of in oprichting is:

1° een verwittiging;

2° een boete waarvan het bedrag gelijk is aan 10% van de jaarlijkse werkingsmiddelen van de betrokken territoriale pool. Voor de toepassing van deze bepaling wordt rekening gehouden met de verdeling bedoeld in artikel 6.2.5-6, § 2, die toegepast werd bij het vorige schooljaar of die aangegeven wordt voor het eerste jaar voor de werking van de territoriale pool;

3° in geval van herhaling binnen een periode van zeven jaar, de intrekking van alle werkingssubsidies betaald aan de hoofdschool voor de territoriale pool die zij organiseert en voor een volledig schooljaar. Voor de toepassing van deze bepaling wordt rekening gehouden met de verdeling bedoeld in artikel 6.2.5-6, § 2, die tijdens het vorige schooljaar toegepast werd.

Als de boete bedoeld in het derde lid, 2°, niet betaald wordt binnen een termijn van drie maanden na de kennisgeving van de sanctie, trekt de regering van de werkingssubsidies betaald aan de inrichtende macht voor de territoriale pool die zij organiseert of die zij gaat organiseren het bedrag van de boete verhoogd met 2,5% in.

Zodra er een klacht bij hen is ingediend, onderzoeken de diensten van de regering de zaak en kunnen daartoe iedereen horen die een nuttige bijdrage kan leveren aan hun informatie. Wanneer zij informatie hebben waaruit blijkt dat er een overtreding is begaan, melden de diensten van de regering hun bezwaren aan de betrokken inrichtende macht. Deze beschikt over 30 dagen om het dossier te raadplegen en schriftelijke opmerkingen in te dienen.

De regering neemt een beslissing binnen zestig dagen na het verstrijken van de reactietermijn die aan de betrokken inrichtende macht is overgelaten.

Wijzigingsgeschiedenis
  • (1)<Ingevoegd bij DFG 2021-06-17/29, art. 1, 008; Inwerkingtreding : 01-09-2021>