Code du recouvrement amiable et forcé des créances fiscales Art. 11
HOOFDSTUK 4. - De uitvoerbare titels en hun uitvoerbare kracht — Afdeling 2. - Bijzondere bepalingen inzake inkomstenbelastingen, voorheffingen en met de
Zolang de overgang van een eigendom niet in de stukken van het kadaster is overgeschreven, zijn de vroegere houder van het recht op de belastbare goederen of zijn erfgenamen, tenzij zij bewijzen dat het recht op een andere houder is overgegaan en dat zij de volledige identiteit en adres van de nieuwe houder laten kennen, aansprakelijk voor de betaling van de onroerende voorheffing, behoudens hun verhaal op de nieuwe houder van het recht.
Ingeval van overlegging van het in het eerste lid bedoelde bewijsstuk of van de vaststelling van de overgang van de eigendom door een ambtenaar belast met de invordering, mag de invordering van de onroerende voorheffing, ingekohierd op naam van de vroegere houder van het recht, krachtens hetzelfde kohier worden voortgezet ten laste van de werkelijke schuldenaar van de voorheffing. Deze schuldenaar ontvangt een nieuw exemplaar van het aanslagbiljet met de vermelding dat het krachtens deze bepaling werd uitgereikt en hij de hoedanigheid van schuldenaar in de zin van dit Wetboek heeft verkregen.
Onder "overgang van eigendom" wordt verstaan elke verandering die een eigendom ondergaat, ofwel omdat hij van eigenaar verandert, ofwel omdat het goed bezwaard wordt met een recht van erfpacht, vruchtgebruik, opstal, gebruik of bewoning, of omdat één van deze rechten komt uit te doven.
Onder "houder van het recht" wordt verstaan degene die het zakelijk recht uitoefent krachtens hetwelk de onroerende voorheffing verschuldigd is.