Rechtsbibliotheek en dossieranalyse · Oostenrijk · België · Europese Unie
LAWxPERT Aanmelden Gratis account

Code du recouvrement amiable et forcé des créances fiscales · 13 APRIL 2019. - Wetboek van de minnelijke en gedwongen invordering van fiscale en niet-fiscale schuldvorderingen

Code du recouvrement amiable et forcé des créances fiscales Art. 25

HOOFDSTUK 2. - De verjaring — Afdeling 2. - De stuiting en schorsing van de verjaring

Van krachtOfficiële tekst

FRNL

§ 1. De inleidende akte van een rechtsgeding met betrekking tot de toepassing of de vestiging, de inning of de invordering van fiscale en niet-fiscale schuldvorderingen die wordt ingesteld door de Belgische Staat, door de schuldenaar van deze schuldvorderingen, door elke medeschuldenaar, alsook door iedere andere persoon die een verkregen en dadelijk belang heeft om in rechte te treden, schorst de verjaring bedoeld in de artikelen 23, § 1, § 2, tweede lid, § 3, tweede lid, § 4, tweede lid, en § 5, tweede lid, alsook de verjaring van de fiscale en niet-fiscale schuldvorderingen waartoe een rechterlijke beslissing de schuldenaar tot betaling veroordeelt.

De schorsing eindigt wanneer de rechterlijke beslissing in kracht van gewijsde is gegaan.

§ 2. Het verzoek waarbij het administratief beroep wordt ingeleid, schorst eveneens de verjaring.

De schorsing eindigt:

1° wanneer de schuldenaar of de medeschuldenaar een rechtsvordering heeft ingesteld, op de dag dat de rechterlijke beslissing in kracht van gewijsde is gegaan;

2° in de andere gevallen, na verloop van de termijn die voor de schuldenaar of de medeschuldenaar openstaat om een beroep in te stellen tegen de administratieve beslissing.

§ 3. Elke daad van onderzoek of van vervolging bedoeld in artikel 22 van de Voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering met betrekking tot de misdrijven bedoeld in de artikelen 449 tot 452 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, 73 en 73bis van het Wetboek van de belasting over de toegevoegde waarde, 207 en 207bis van het Wetboek diverse rechten en taksen en 85 tot 88 van dit Wetboek, schorst de verjaring van de fiscale en niet-fiscale schuldvorderingen.

De schorsing neemt aanvang vanaf het ogenblik dat de strafvordering wordt ingesteld en eindigt wanneer de strafvervolging wordt stopgezet, de strafvordering uitdooft of wanneer het vonnis of het arrest in kracht van gewijsde is getreden voor de misdrijven bedoeld in het eerste lid.