Rechtsbibliothek und Fallanalyse · Österreich · Belgien · Europäische Union
LAWxPERT Anmelden Kostenloses Konto

Overeenkomst tot oprichting van de Wereldhandelsorganisatie · Overeenkomst tot oprichting van de Wereldhandelsorganisatie

Overeenkomst tot oprichting van de Wereldhandelsorganisatie Art. 5

In KraftAmtlicher Text

1 De Leden komen overeen dat ontduiking van de regels door middel van overlading, wederverzending, valse verklaringen over het land of de plaats van oorsprong en vervalsing van officiële documenten de uitvoering van deze Overeenkomst tot integratie van de textiel- en kledingsector in de GATT 1994 in de weg staat. De Leden dienen derhalve de nodige wettelijke voorschriften en/of administratieve procedures vast te stellen om ontduiking van de regels te voorkomen en te bestrijden. Voorts komen de leden overeen dat zij overeenkomstig hun nationale wetten en procedures volledig zullen samenwerken om de problemen die uit ontduiking voortvloeien op te lossen.

2 Is een Lid van oordeel dat de regels van deze Overeenkomst worden ontdoken door overlading, wederverzending, valse verklaringen inzake het land of de plaats van oorsprong of de vervalsing van officiële documenten en dat geen of onvoldoende maatregelen worden genomen om hiertegen op te treden, dan pleegt dat Lid overleg met het betrokken Lid of de betrokken Leden om een voor alle partijen bevredigende oplossing te vinden. Een dergelijk overleg dient terstond plaats te vinden, en indien mogelijk, binnen de 30 dagen. Wordt geen oplossing gevonden die voor alle partijen bevredigend is, dan kan de kwestie door een betrokken Lid aan het OST voor een aanbeveling worden voorgelegd.

3 De Leden komen overeen, overeenkomstig hun nationale wetten en procedures, de nodige maatregelen te nemen om ontduikingspraktijken op hun grondgebied te voorkomen en te onderzoeken en daartegen, zo nodig, wettelijke en/of administratieve maatregelen te nemen. De Leden komen overeen in gevallen van ontduiking of vermoede ontduiking van de regels van deze Overeenkomst, overeenkomstig hun nationale wetten en procedures, volledig samen te werken om de ter zake dienende feiten op de plaatsen van invoer, uitvoer en, wanneer van toepassing, overlading vast te stellen. Overeengekomen wordt dat deze samenwerking, overeenkomstig nationale wetten en procedures, onder meer het volgende omvat: onderzoek naar de ontduikingspraktijken die de beperkte export naar het Lid dat deze beperkingen handhaaft doen toenemen; uitwisseling van documenten, brieven, verslagen en andere relevante gegevens voor zover beschikbaar; het vergemakkelijken van bezoeken aan fabrieken en van contacten, op verzoek en per geval. De Leden streven ernaar de omstandigheden waarin ontduiking plaatsvindt of wordt vermoed zoveel mogelijk op te helderen, met inbegrip van de rol die de betrokken exporteurs of importeurs hierbij spelen.

4 De Leden komen overeen dat wanneer na onderzoek genoegzaam bewezen is dat ontduiking heeft plaatsgevonden (bijv. wanneer er bewijsmateriaal is betreffende het land of de plaats van de werkelijke oorsprong, en de omstandigheden waarin de ontduiking plaatsvindt), voor zover noodzakelijk passende maatregelen dienen te worden genomen om het probleem op te lossen. Deze maatregelen kunnen bestaan uit een verbod op de invoer van de goederen of, wanneer de goederen reeds zijn ingevoerd en gelet op de werkelijke omstandigheden en de betrokkenheid van het land of de plaats van werkelijke oorsprong, een aanpassing van de afboekingen van de beperkingsniveaus van het land of de plaats van werkelijke oorsprong. Voorts, indien gebleken is dat Leden op het grondgebied waarvan de goederen zijn overgeladen ook bij de ontduiking zijn betrokken, kunnen de maatregelen ook de invoering inhouden van beperkingen ten aanzien van die Leden. Deze maatregelen kunnen worden genomen, evenals de en besluiten over het tijdstip waarop zij worden genomen en de draagwijdte ervan, na overleg tussen de betrokken partijen ten einde een voor beide partijen bevredigende oplossing te vinden en worden met een volledige motivatie aan het OST voorgelegd. De betrokken Leden kunnen in overleg overeenstemming bereiken over andere oplossingen. De overeengekomen oplossing wordt ook aan het OST voorgelegd en het OST kan de betrokken Leden de aanbevelingen doen die het nuttig acht. Wordt geen wederzijds bevredigende oplossing gevonden, dan kan een betrokken Lid de zaak voor een spoedig onderzoek en aanbevelingen aan het OST voorleggen.

5 De Leden nemen er nota van dat sommige gevallen van ontduiking zendingen kunnen betreffen die via landen of plaatsen worden vervoerd zonder dat er in de plaatsen van doorvoer iets veranderd wordt aan de goederen die zich in deze zendingen bevinden. Ze nemen er nota van dat het in het algemeen niet praktisch uitvoerbaar kan zijn dat in deze doorvoerplaatsen toezicht op dergelijke zendingen wordt uitgeoefend.

6 De Leden komen overeen dat valse verklaringen inzake vezelsamenstelling, hoeveelheden, aard of indeling van de goederen eveneens een beletsel vormen om de doelstellingen van deze overeenkomst te bereiken. De Leden komen overeen dat, wanneer blijkt dat dergelijke valse verklaringen zijn opgesteld met het doel de regels te ontduiken, de nodige maatregelen tegen de betrokken exporteurs of importeurs genomen dienen te worden, overeenkomstig de nationale wetten en procedures. Mocht een Lid van oordeel zijn dat de regels van de Overeenkomst door middel van dergelijke valse verklaringen worden ontdoken en dat geen of onvoldoende maatregelen worden genomen om hiertegen op te treden, dan kan dat Lid terstond overleg plegen met het betrokken Lid om te trachten tot een voor beide partijen bevredigende oplossing te komen. Wordt zulk een oplossing niet gevonden, dan kan de zaak door een betrokken Lid aan het OST voor een aanbeveling worden voorgelegd. Deze bepaling heeft niet ten doel te voorkomen dat Leden technische aanpassingen aanbrengen indien per vergissing fouten zijn gemaakt bij het opstellen van verklaringen.