C.i.cr. · Wetboek van Strafvordering (art. 1–…)
C.i.cr. Art. 555
BOEK II. - HET GERECHT. — TITEL VI. - (Bemiddeling.) <W 2005-06-22/35, art. 5, 007; Inwerkingtreding : 31-01-2006>
<W 2005-06-22/35, art. 8, 007; Inwerkingtreding : 31-01-2006> § 1. De documenten die worden opgemaakt en de mededelingen die worden gedaan in het kader van de tussenkomst van de bemiddelaar zijn vertrouwelijk, met uitzondering van datgene waarmee de partijen instemmen om het ter kennis van de gerechtelijke instanties te brengen. Zij kunnen niet worden aangewend in een strafrechtelijke, burgerrechtelijke, administratieve, arbitrale of in enige andere procedure voor het oplossen van conflicten en zijn niet toelaatbaar als bewijs, zelfs niet als buitengerechtelijke bekentenis.
§ 2. Vertrouwelijke documenten die toch zijn meegedeeld of waarop een partij steunt in strijd met de geheimhoudingsplicht, worden ambtshalve uit de debatten geweerd.
§ 3. Onverminderd de verplichtingen die hem bij wet worden opgelegd, mag de bemiddelaar de feiten waarvan hij uit hoofde van zijn ambt kennis krijgt, niet openbaar maken. Hij mag niet worden opgeroepen als getuige in een strafrechtelijke, burgerrechtelijke, administratieve, arbitrale of in enige andere procedure met betrekking tot de feiten waarvan hij in de loop van een bemiddeling kennis heeft genomen.
Artikel 352 van het Strafwetboek is van toepassing op de bemiddelaar.
Wijzigingsgeschiedenis
- (1)<W 2026-03-11/03, art. 213, 014; Inwerkingtreding : 01-09-2026>
Verwijst naar
- C.i.cr. Art. 007
- C.i.cr. Art. 8
- C.pén. Art. 352