C.jud. · Gerechtelijk Wetboek (art. 664–1385)
C.jud. Art. 837
TITEL III. _ Tussengeschillen en bewijs. — HOOFDSTUK V. _ Wraking en verschoning.
Te rekenen van de dag van de mededeling aan de rechter worden alle vonnissen en verrichtingen geschorst (behalve wanneer de vordering niet uitgaat van een partij of van het openbaar ministerie). De rechter kan evenwel de zaak uitstellen of in voortzetting stellen naar een andere zitting. <W 2003-12-22/42, art. 376, 069; Inwerkingtreding : 10-01-2004>
Indien een van de partijen evenwel beweert dat de verrichting spoedeisend is en dat vertraging gevaar oplevert, kan zij aan de voorzitter van de rechtbank of aan de eerste voorzitter van het hof vragen het tussengeschil op de zitting te brengen; de griffier roept de partijen op bij gerechtsbrief.
De eerste voorzitter of de voorzitter die de aanvraag inwilligt, beveelt dat een andere rechter zal optreden. (Wanneer de wraking van een onderzoeksrechter wordt gevorderd, beveelt de eerste voorzitter of de voorzitter, op vordering van het openbaar ministerie, dat een andere rechter zal optreden.) <W 2001-06-10/75, art. 6, 056; Inwerkingtreding : 02-10-2001>
(De in het eerste lid bedoelde schorsing van vonnissen en verrichtingen neemt een einde wanneer de rechten die verschuldigd zijn krachtens artikel 269.1 van het Wetboek van registratie-, hypotheek- en griffierechten en de bijdrage bedoeld in artikel 4, § 2, van de wet van 19 maart 2017 tot oprichting van een Begrotingsfonds voor de juridische tweedelijnsbijstand, niet zijn betaald binnen tien dagen te rekenen van de toezending bedoeld in artikel 838, eerste lid.) <W 2000-06-30/47, art. 43, 052; Inwerkingtreding : 27-03-2001>
Wijzigingsgeschiedenis
- (1)<W 2022-12-06/02, art. 36, 196; Inwerkingtreding : 31-12-2022>
- (2)<W 2024-05-15/03, art. 62, 204; Inwerkingtreding : 07-06-2024>
Verwijst naar
- C.jud. Art. 052
- C.jud. Art. 056
- C.jud. Art. 069
- C.jud. Art. 269.1
- C.jud. Art. 376
- C.jud. Art. 4
- C.jud. Art. 43
- C.jud. Art. 6
- C.jud. Art. 838