C. pén. soc. · 6 JUNI 2010. - Sociaal Strafwetboek
C. pén. soc. Art. 219
HOOFDSTUK 9. - Inbreuken betreffende de sociale zekerheid — Afdeling 4. - Financiering van de sociale zekerheid
Niet-betaling van de bijdragen aan andere organen die werkzaam zijn onder de verschillende socialezekerheidsregelingen of een bedrijfstak
Met een sanctie van niveau 2 wordt bestraft :
1° de werkgever, zijn aangestelde of zijn lasthebber die :
a) het bedrag van de aanvullende bijdrage niet heeft gestort binnen de maand volgend op het kwartaal waarin de bijdrage werd gevraagd door het kinderbijslagfonds waarbij hij is aangesloten, met toepassing van de wetten betreffende de kinderbijslag voor loonarbeiders, gecoördineerd op 19 december 1939;
b) ...
c) ...
2° ...
3° ...
Met een sanctie van niveau 3 wordt bestraft:
1° de werkgever, zijn aangestelde of zijn lasthebber die:
a) de bijdragen en premies verschuldigd met toepassing van de Arbeidsongevallenwet van 10 april 1971 niet heeft gestort aan Fedris binnen de door de Koning vastgestelde termijn;
b) de solidariteitsbijdrage niet heeft gestort aan Fedris, die hij verschuldigd is in toepassing van de wetten betreffende de preventie van beroepsziekten en de vergoeding van de schade die uit die ziekten voortvloeit, gecoördineerd op 3 juni 1970;
2° de reder, zijn aangestelde of zijn lasthebber die:
a) hetzij de volledige verplichte bijdrage niet heeft betaald hetzij niet binnen de termijnen heeft betaald aan het Fonds voor scheepsjongens, met toepassing van de wet van 23 september 1931 op de aanwerving van het personeel der zeevisserij;
b) de socialezekerheidsbijdragen aan de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid niet heeft gestort binnen de door de Koning vastgestelde termijn, met toepassing van de wet van 27 juni 1969 tot herziening van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders en de uitvoeringsbesluiten ervan;
3° de natuurlijke of rechtspersonen die als hoofdzakelijke of bijkomstige bedrijvigheid de diamanthandel of de diamantnijverheid hebben en de personen die ruwe diamant invoeren, die respectievelijk de bijdrage en de compensatiebijdrage niet hebben betaald aan het Intern compensatiefonds voor de diamantsector volgens de nadere regels en de termijnen bepaald door de Koning, met toepassing van de wet van 12 april 1960 tot oprichting van een Intern compensatiefonds voor de diamantsector.
Wat de in dit artikel bedoelde inbreuken betreft wordt de geldboete vermenigvuldigd met het aantal betrokken werknemers.
Wijzigingsgeschiedenis
- (1)<KB 2018-05-15/05, art. 5, 029; Inwerkingtreding : 01-01-2018>
- (2)<KB 2018-09-06/13, art. 4, 031; Inwerkingtreding : 01-01-2017>
- (3)<KB 2018-09-06/13, art. 5, 031; Inwerkingtreding : 01-01-2017>
- (4)<W 2024-05-15/19, art. 119, 068; Inwerkingtreding : 01-07-2024>