Rechtsbibliotheek en dossieranalyse · Oostenrijk · België · Europese Unie
LAWxPERT Aanmelden Gratis account

C. pén. soc. · 6 JUNI 2010. - Sociaal Strafwetboek

C. pén. soc. Art. 51

HOOFDSTUK 2. - Bevoegdheden van de sociaal inspecteurs en de hoedanigheid van officier van gerechtelijke — Afdeling 4. - Hoedanigheid van officier van gerechtelijke politie

Van krachtOfficiële tekst

FRNL

Bevoegdheden van sociaal inspecteurs officier van gerechtelijke politie

De bevoegdheden van officier van gerechtelijke politie, hulpofficier van de procureur des Konings en van de arbeidsauditeur, toegekend aan de door de Koning aangewezen sociaal inspecteurs, kunnen slechts worden uitgeoefend met het oog op de opsporing en vaststelling van de inbreuken bedoeld in dit Wetboek en evenals inbreuken op andere nationale en Europese regelgeving controle wegvervoer waarvoor de sociaal inspecteurs belast zijn met het toezicht op de naleving ervan in de artikelen 258 tot 260 van het Strafwetboek.

De sociaal inspecteurs met de hoedanigheid van officier van gerechtelijke politie behouden de in artikel 21 bedoelde beoordelingsbevoegdheid wanneer ze buiten de door de rechterlijke overheid opgelegde taken optreden.

Wijzigingsgeschiedenis
  • (1)<W 2024-05-15/19, art. 26, 068; Inwerkingtreding : 01-07-2024>
  • (2)<W 2026-03-16/16, art. 9, 073; Inwerkingtreding : 01-09-2026>
  • (3)<W 2026-05-30/01, art. 137, 075; Inwerkingtreding : 11-06-2026>