Code du recouvrement amiable et forcé des créances fiscales Art. 19
TITEL 3. - De gedwongen invordering — HOOFDSTUK 1. - De vervolgingen
§ 1. De tenuitvoerlegging van een uitvoerbaar verklaard kohier of innings- en invorderingsregister of van een rechterlijke beslissing houdende veroordeling tot betaling van fiscale en niet-fiscale schuldvorderingen gebeurt in overeenstemming met de bepalingen van het Gerechtelijk Wetboek, Deel V, Titel III met betrekking tot de gedwongen tenuitvoerlegging. Titel III met betrekking tot de gedwongen tenuitvoerlegging, behalve indien dit Wetboek, de fiscale wetten en de wettelijke of reglementaire bepalingen met betrekking tot niet fiscale schuldvorderingen anders bepalen.
De overhandiging door de ontvanger aan de gerechtsdeurwaarder van een uittreksel uit het kohier met vermelding van de datum van uitvoerbaarverklaring van dit kohier, van een afschrift van het innings- en invorderingsbericht of van de uitgifte van de rechterlijke beslissing overeenkomstig artikel 1393 van het Gerechtelijk Wetboek, geldt als volmacht voor alle tenuitvoerleggingen.
Wanneer op verzoek van de ontvanger, de gerechtsdeurwaarder een bevel tot betaling betekent op basis van een uitvoerbaar verklaard kohier of innings- en invorderingsregister, bevat het bevel bovenaan een kohieruittreksel met vermelding van de datum van uitvoerbaarverklaring van dat kohier of een afschrift van het innings- en invorderingsbericht.
§ 2. Inzake de belasting over de toegevoegde waarde, de diverse taksen, de rolrechten en de niet-fiscale schuldvorderingen, kan de tenuitvoerlegging van het innings- en invorderingsregister slechts worden gestuit door een rechtsvordering.
Inzake niet-fiscale schuldvorderingen, wordt de rechtsvordering, bij ontstentenis van andere bevoegdheidsbepalingen, ingeleid voor de rechtbank van eerste aanleg.
Inzake inkomstenbelastingen, voorheffingen en met de inkomstenbelastingen gelijkgestelde belastingen, kan de tenuitvoerlegging van het kohier, ingeval van een administratief bezwaar of een rechtsvordering, slechts plaatsvinden inzoverre als bepaald in artikel 61.