C.pén. · 29 FEBRUARI 2024. - Strafwetboek 2024. (Inwerkingtreding : 01-09-2026)
C.pén. Art. 247
Hoofdstuk 6. Misdrijven tegen de persoonlijke rust en de morele integriteit — Afdeling 4. Smaad
Smaad
Smaad is het met het oogmerk de beschermde persoon belachelijk te maken, smaden door daden, woorden, gebaren of bedreigingen van een minister of staatssecretaris, een parlementslid, een magistraat, een juridisch medewerker van een rechtscollege of het openbaar ministerie, een persoon met een openbare functie, een getuige, een jurylid, een bedienaar van de eredienst of een voorganger in plechtigheden van een nietconfessionele levensbeschouwing, indien het misdrijf is gepleegd naar aanleiding van de uitoefening van deze functie.
Dit misdrijf wordt bestraft met een straf van niveau 1.